Bekijk alle berichten van astridrijff | Waarschuw de redactie
De dagen na de geboorte van de klampers, was Mietje niet meer aanspreekbaar. Ze zwierf overal rond en hoe ze het voor elkaar kreeg wist niemand, maar ze bleek in staat om de vier armzalige vogeltjes te voeden en in leven te houden. Dikke Smorre zag haar meer dan eens langs de rand van het bos lopen met een dood konijn over haar schouder of een paar dode vogels. Het was een raadsel hoe ze er aan kwam want volgens Geerten en Jacoba had ze geen geweer en strikken had Dikke Smorre nooit kunnen vinden. De twee poezen van Mietje deelden blijkbaar mee in de buit, want ook zij groeiden voorspoedig en al snel gingen ze geheel hun eigen rang rond de boerderij. Mietje keek niet meer naar ze om, ze had het te druk met de opvoeding van haar vogels die steeds meer in de veren kwamen en indrukwekkende vormen begonnen aan te nemen.
Op een mooie zomerse dag, Jacoba stond net de linnen theedoeken uit te spoelen die ze voor het kaasmaken had gebruikt, kwam Mietje de geitenschuur uit met één van de vogels op haar arm. Het was een indrukwekkend beest met een scherp gekromde snavel en een gestreept verenkleed dat alert de wereld inkeek.
‘Ga je'm vliegen laten?' vroeg Jacoba, die een beetje bangig een stapje achteruit deed.
Mietje knikte en maakte direct daarop een geluidje, waarop de vogel zijn vleugels uitspreidde en het luchtruim koos. Na zich naar boven geklapwiekt te hebben, zweefde hij in cirkels boven hun hoofden. Opnieuw maakte Mietje een geluid, dat leek op een soort piepen. De vogel zweefde onmiddellijk naar beneden en landde op Mietje's uitgestoken arm.
‘En de aander klampers, ga je die ook vliegen laten?' vroeg Jacoba die het hele gebeuren met ontzag had gevolgd. Mietje schudde haar hoofd.
‘Waarom nie?'
‘Ze bint weg.'
‘Hoe, ze bint weg?'
‘Gewoon. Vlogen.'
Mietje maakte met haar vrije arm een vliegbeweging en knikte met haar hoofd in de richting van de lucht.
‘He je ze gaan laten?'
‘Neeje. Ze ging vanzelves.'
‘En dizze dan, gaat die ook weg?'
Mietje draaide zich om en keek Jacoba aan. Ze had weer die vreemde glimlach om haar lippen en streelde de roodstaartbuizerd.
‘Neeje, totdat ik dood ga nie.'
‘Hoe wee je dat, dat ie da doet?'
‘Da he em gezegd.'
Jacoba moest lachen.
‘Die vogel zelves? Nou da's knap Mietje. Ik wis nie dat em praatjes had ok nog!'
Maar Mietje draaide zich waardig om en terwijl ze terug de schuur inliep zei ze:
‘Je bent dom Jacoba. 't Was de Indiaan die het zegt heft. Maar zowat begrijp jij niet.'
Daarna verdween ze door de deur. Jacoba had haar mond nog openstaan omdat ze iets had willen zeggen. Ze was echter zo overdonderd door Mietje's laatste woorden dat ze vergat hem weer dicht te doen. Daarna schudde ze haar hoofd en liep terug naar de spoelemmer. Die Mietje toch, ze was nu wel heel dwaas aan het worden. Maar het bleef vreemd dat ze soms ineens zulke volzinnen eruit gooide.
Ze raakten gewend aan het ritueel. Mietje liet 's morgens de geiten in de wei, at iets en dan liet ze de roofvogel vliegen. Soms nam hij een duikvlucht en ving een muis of een konijn en omdat Jacoba ‘die bloederige rommel' niet op het erf wilde hebben, had Mietje hem geleerd de buit voor haar voeten los te laten. Ze nam het dan mee de schuur in waar hij het in alle rust op kon eten.
In het dorp werd er niet veel meer over gesproken. Een enkeling vroeg nog wel eens hoe het ging met de vogel van Mietje maar nieuwe nieuwtjes en roddels kregen de overhand. Het leven op de boerderij van Geerten en Jacoba verliep zoals altijd, met de dagelijkse werkzaamheden, het gebruikelijke geploeter en het harde werken dat een boerenleven nu eenmaal vergde.
Op een ochtend werd Jacoba wakker van de stilte. Het was nog heel vroeg en het begon nog maar net te schemeren. Jacoba lag op haar rug en durfde nauwelijks te ademen. Het was griezelig stil, geen vogel te horen, geen geritsel van bladeren.
‘Ik kon wel dood wezen' dacht ze verschrikt en ze legde haar hand op haar hart. Gelukkig, die klopte nog. Toch was het vreemd en met een beklemmend gevoel draaide ze zich om en probeerde de slaap weer te vatten. Toen ze een paar uur later koffie in de beker schonk die voor Geerten op tafel stond, sloeg ze ineens haar hand voor haar mond en zette de pot met een klap op tafel.
‘De geiten! De geiten zijn er nie uut!'
Ze stormde naar het raam en keek naar buiten, naar de geitenwei. Die was leeg.
‘Er is wat met Mietje!'
Met een mopperende Geerten in haar kielzog stevende ze op de schuur af. Bij de deur aarzelde ze heel even. Het was toch vreemd dat de geiten niet stonden te mekkeren terwijl ze allang naar buiten hadden gemoeten! Toen trok ze de deur open en stapte naar binnen. De dieren stonden of lagen allemaal heel rustig op het stro en maakten geen geluid. Jacoba liep naar het gedeelte van de schuur waar Mietje altijd sliep. Haar hart bonsde.
‘Wat godverrr... Wa zul we nou beleven!' Het was de stem van Geerten die de stilte doorbrak. Mietje lag op haar rug op een bed van stro. Om haar lichaam was een kleurige doek met Indiaanse patronen gewikkeld. Haar lange grijze haren, die altijd in een knotje zaten, lagen nu als twee vlechten langs haar gezicht en over haar schouders gedrapeerd. Op haar bost lag een geprepareerd konijnenpootje en in haar gevouwen handen hield ze een soort amulet. Aan haar voeten zat, bijna als een standbeeld zo stil, de roodstaartbuizerd.
‘Ze ligt ‘r bie as een...' Jacoba kon de zin niet afmaken. Het besef dat Mietje dood was overmande haar en hoewel Jacoba geen griener was, stroomden nu de tranen over haar wangen. Mietje was dan wel geen echte familie, niemand wist eigenlijk waar ze vandaan was gekomen, maar Jacoba wist niet anders dan dat Mietje op de boerderij rondscharrelde.
Geerten en Jacoba stonden lang bij haar te kijken. Het was een mysterie en ze begrepen er helemaal niets van. Wie had Mietje zo neergelegd of had ze dat zelf gedaan? En was er dan toch iets waar van wat ze had gezegd over die Indiaan? Wie was Mietje eigenlijk geweest?
Het hele dorp kwam naar de begrafenis. Het had de dagen na Mietje's dood gezinderd van de geruchten en wilde verhalen. De een na de ander meende Indianen gezien te hebben in het bos en er werd wild gespeculeerd over het verleden van Mietje. De begrafenis was sober maar had een bijzonder hoogtepunt. Op het moment dat de kist de grond inging, klonk er een schreeuw vanuit de lucht. Boven de begraafplaats zweefde de roodstaartbuizerd. Hij maakte cirkels in de lucht die steeds wijder en wijder werden, tot hij helemaal uit het zicht verdween.
Er werd nog dagenlang nagepraat door de dorpelingen totdat de sleur van alledag het leven overnam en de merkwaardige dood van Mietje vervaagde in de collectieve herinnering.
Maar elk jaar, op de sterfdag van Mietje, cirkelde er een roodstaartbuizerd boven het dorp. Hij was er plotseling en verdween weer even snel. Jacoba keek dan even naar boven en volgde zijn vlucht. ‘Dag Mietje!'
Reacties (11)
'Zo alles bij elkaar een hele roman,' mompelde Dirk.
Emdeha op 19-03-2010 11:26 | Waarschuw de redactie
Ik denk dat je zelf ook een "Mietje" genoemt mag worden, 3, ja, ja,.. "DRIE" artikelen op een dag, beetje egoisties vindt je zelf ook niet....., dus laten we elkaar geen mietje noemen, en nooit meer doen, bij de bloggers is het zaak elkaar te respekteren en elkaar de kans geven een dag lang op deze pagina te staan..
Torcque op 19-03-2010 13:20 | Waarschuw de redactie
MDH, Torcque, laten we Mietje, sorry Astrid, nog even het voordeel van de twijfel geven. Volgens mij is ze nieuw hier en ik heb in een reactie op haar eerste deel van dit verhaal al een tip gegeven voor de volgende keer. Het zijn trouwens 4 delen.
Papagoose op 19-03-2010 13:46 | Waarschuw de redactie
Beetje schoolmeesterachtige reacties, als ik zo vrij mag zijn...
En dan nog nog wat over het verhaal: goed geschreven kleine streekroman, vind ik.
Rhyllis op 19-03-2010 13:53 | Waarschuw de redactie
Zoals papagoose al schreef, ik ben nieuw hier en zal het de volgende keer anders doen.
Een prettig binnenkomen is het niet zo, als men meteen van het slechtste in een mens uitgaat. Het was slechts mijn enthuosiasme.
astridrijff op 19-03-2010 14:19 | Waarschuw de redactie
'Welkom dan,' mompelde Dirk beschaamd,'van harte welkom.'
Emdeha op 19-03-2010 14:47 | Waarschuw de redactie
Kijk, zo kan het ook ;-)
Van harte welkom, niet meer op dei manier...doen, klaar!
(mooi geschreven!)
O_dette op 19-03-2010 15:40 | Waarschuw de redactie
Een voortreffelijk verhaal, waarvan ik heb genoten.
Ambrosia op 19-03-2010 16:18 | Waarschuw de redactie
FAntastisch verhaal, in één adem uitgelezen, het zij je vergeven hoor.welkom, en heb je meer van dit?
pinksterkind op 19-03-2010 16:58 | Waarschuw de redactie
Dank!
Pinksterkind ( en anderen ook natuurlijk); als je meer van me wilt lezen kun je bij de boekhandel of bol.com mijn debuutroman Snaren kopen! Is wel een heel ander verhaal hoor!
astridrijff op 21-03-2010 12:24 | Waarschuw de redactie
Het is echt een bijzondere vertelling dat speelt lang geleden. Tenminste dat leid ik af aan de omstandigheden waaronder Mietje leeft, een geitenhoedster. Het taal gebruik: een soort van dialect. Dit laatste stoorde mij wel een beetje bij het lezen. Verder miste ik een goed uitgewerkte context, het decor waar alles zich afspeelt en van de mede karakters. En teveel en te gemakkelijk vind ik dat veel gebeurtenissen verklaard worden met: iets is er zomaar, de herkomst van de eieren worden niet uitgewerkt, hoe Mietje het eten voor de roofvogels weet te veroveren, de indiaan en de herkomst van Mietje ook niet. Hierdoor blijf je als lezer toch met een ontevreden gevoel achter. Tegelijkertijd geef je heel mooie beelden van de roodstaardbuizerd op Mietjes arm in de lucht.
Sagita op 24-03-2010 11:41 | Waarschuw de redactie
Alleen geregistreerde bezoekers kunnen hier reageren. Ga naar registreren of inloggen.