Ga direct naar de content

De eieren van Mietje -deel II
19 maart 2010

De eieren van Mietje -deel II

Bekijk alle berichten van astridrijff | Waarschuw de redactie

Zo gingen de dagen voort in het kleine dorp achter de dijk. Een ieder kwijtte zich van zijn of haar taak, wisselde de dagelijkse roddels en nieuwtjes uit en Mietje zat te ‘broeien' en zorgde voor de katjes.
Op een maandagochtend, toen Jacoba net de lakens aan de waslijn had gehangen, kwam er geroep uit de geitenstal. Geschrokken liet Jacoba de houten knijpers uit haar handen vallen en haastte zich naar Mietje. Die zat in de schemer op haar knieën tussen het stro. Zodra Jacoba's ogen en beetje gewend waren aan het halfduister, zag ze de eieren van Mietje op de grond liggen.

 ‘Wat gebeurt er Mietje? He je ze vallen laten?'
Maar Mietje keek haar stralend aan.
‘De kiekens, Jacoba. De kiekens komen d'r an!'
Jacoba kwam een beetje dichterbij en boog zich over de eieren. Verdomd, er zat beweging in! In twee van de vier eieren zaten wat barstjes en het was de duidelijk te zien hoe de diertjes probeerden hun weg naar buiten te vinden.
't Was toch wat! Daar had die gekke Mietje toch maar heus een paar eieren uitgebroed in haar schoot. Jacoba schoof een melkkrukje bij. Nu wilde ze het ook met eigen ogen zien wat het worden zou.
Uiteindelijk kwamen alle vier de eieren uit, maar wat waren dat in hemelsnaam voor afzichtelijke monsters? Het waren kale, grijze beesten met uitpuilende ogen en een kromme snavel. Niks donzig gele kuikens. Mietje aaide ze heel voorzichtig met haar dikke vinger over hun trillende lijfjes.

 ‘Kippies. Lieve kippies', zei ze teder.
 ‘ Da bint geen kippies Mietje. Da's heul aanders wat. Wat ne monsters!'
Jacoba griezelde ervan. Maar Mietje was niet te vermurwen en keek Jacoba vuil aan.
‘Ze moet eten. Haal 't voer!' gebood ze.
Jacoba zuchtte maar ging toch het kippenvoer halen. Toen ze terugkwam had Mietje de vier monsterlijke kuikens weer in de wollen doek verpakt en in haar schort gelegd. Ze zat tegen het beschot en keek naar de beesten met een liefdevolle blik. Zodra ze Jacoba zag, wenkte ze haar ongeduldig. Jacoba zette de emmer naast haar neer en Mietje nam wat graan tussen haar vingers. Ze probeerde het graan te voeren aan de happende snavels. Het lukte niet, ze weigerden het voedsel tot Mietje's ontzetting. Ze bleef het proberen, maar omdat de beesten bleven weigeren raakte ze in paniek.
 ‘Ze moog nie doodgaan nie! Ze moet eten! Godverdomme! Toe dan stom kiekens, eet dan!'
Daarbij werd ze zo hardhandig dat Jacoba voor het leven van de grijze monsters vreesde.
 ‘Niet doen Mietje! Je smoort ze nog! Ze lust geen granen, da zie je toch! Ik zegde 't toch al dat het geen gewoon kiekens bint. We moet Dikke Smorre halen. Die het het verstand!'
Ze besloot de daad bij het woord te voegen en verliet met haastige stappen de stal. Mietje jammerend en tierend achterlatend.


wordt vervolgd

Alleen geregistreerde bezoekers kunnen hier reageren. Ga naar registreren of inloggen.

Blogs

Bloggen op Schrijf!

Verhalen schrijven, gedichten maken, columns componeren, recensies wagen of zomaar een gedachtengang over het schrijven de wereld in sturen; het kan met een digitaal literair dagboek op Schrijf!

Meld u aan en begin een eigen blog.
Al geregistreerd? Log dan in en keer terug naar deze pagina om een nieuw bericht te schrijven.