Elk jaar in november verschijnt de nieuwe Lekker, een luxe magazine met een opsomming van uitgelezen eetgelegenheden. Er staan allerlei ranglijsten in, waaronder een top-honderd van de beste restaurants van Nederland. De twintig 'beste' doen een soort stoelendans, met nu eens deze en dan weer die gevestigde naam op nummer één. Dit jaar Inter Scaldes in Kruiningen, eerder Toine Hermsen in Maastricht en de Bokke-doorns in Overveen.
Gelukkig heeft Lekker niet alleen oog voor de eredivisie met z'n gepeperde prijzen, maar biedt het blad ook ruime keus in goede restaurants onder de top. Interessantste categorie vormen de 'runners-up'. Nog niet doorgedrongen in de hoogste regionen, maar daarheen wel op weg. Daar grijpen wij altijd begerig naar: snel erheen, voor ze zo populair worden dat ze kapsones krijgen (en de bijbehorende prijzen rekenen).
Als runner-up werd dit jaar onder meer De Beukenhorst in Winterswijk getipt. In de taal van Lekker: 'Dat Winterswijk moge snappen dat hier iets bijzonders aan de hand is'. Kortom, een wandeling ingegeven door lekkere trek.
De VVV in Winterswijk heeft verschillende korte tochten door de buurtschappen in de aanbieding; ideaal voor de winterdag. De route door het Buskersbos, een wandeling van zo'n acht kilometer, wordt beschreven vanaf Partycentrum 't Wamelink dat niet ver van het station ligt.Het was een dag uit een boekje, het boekje over de donkere dagen voor Kerstmis. Miezerig en grijs. Het Buskersbos is sinds 1923 eigendom van Natuurmonumenten en geldt als een fraai voorbeeld van een zogeheten beekbegeleidend bos. Er is uitbundige plantengroei van witte bosanemonen, slanke sleutelbloem en gele dovenetel en het wemelt er van de vogels. Om het natte karakter van het bos nog beter tot zijn recht te laten komen, zijn onlangs twee dode meanders van de Slinge in ere hersteld. Daarbij is kennelijk het nodige zand aangevoerd, want hoewel de VVV waarschuwde voor natte voeten was de Slinge-oever goed begaanbaar.
Winterswijk hoeft niet bang meer te zijn dat het water van de Slinge de straten blank zet, zoals vroeger nogal eens gebeurde, want na de oorlog is er een flinke dijk aan de noordkant van het bos aangelegd. Vanaf de bebouwing van Winterswijk gaat het recht op die dijk af, die de indruk wekt van een verdedigingswerk - tegen het water dus.
Hier en daar vliegt een onduidelijke vogel tsjirpend op, maar de grootste aantrek-kingskracht van het bos is toch de wild stromende beek. Hoe doods het jaargetij ook is, het kost geen enkele moeite je hier een zonnige voorjaarsdag met ijsvogels voor te stellen.Na het bos vervolgt de wandeling door het oude landschap rondom Winterswijk, langs de voormalige school van het buurtschap Brinkheurne. Vanaf 1828 werd hier lesgegeven. Aanvankelijk door meesters die er bij moesten boeren om rond te komen. Tussen 1923 en 1942 was meester Brouwer hoofd van de school; in het speelkwartier ging hij op een drafje naar huis om even koffie te drinken. Brouwer kwam ooit op het idee om de kalk uit de Winterswijkse steengroeve als landbouwkalk te gebruiken. Deze tip aan de firma Hannink was zo profijtelijk dat de meester jaarlijks een grote doos sigaren van de firma kreeg. Vlak bij school is de Meester Brouwerlaan, een onverhard pad dat de voormalige spoorbaan naar Bocholt kruist. De school ging in 1977 definitief dicht.
De gronden van landgoed Schot Schepers dat even verderop gepasseerd wordt, vallen onder de Natuurschoonwet. Het beheer is erop gericht het coulissenlandschap te bewaren in combinatie met de agrarische functie. Beek, boerderijen en landerijen, het hoort allemaal bij elkaar en er is inspanning voor nodig om te voorkomen dat het verdwijnt.Vlak voor de bebouwing van Winterswijk weer in zicht komt passeren we nogmaals de Slinge, nu bij de Olliemolle. De gebouwen van de watermolen zijn niet meer herkenbaar, maar het onvervalste geraas van de waterval overstemt het verkeer op de Kottenseweg moeiteloos. De plek heeft een geschiedenis die teruggaat tot 1303. De watermolen hoorde toen bij de havezate Plekenpol; in 1922 werd de molen gekocht door de concurrent van de Nieuwe Molen bij Berenschot (vlak bij Miste) en sindsdien is hij nooit meer gebruikt.
Het bijbehorende bier- en koffiehuis trotseerde de tijd wel, al veranderde het, net als de molen, gedurig van naam. Tegenwoordig is het gasterij 'De Gulle Waard'. Het ziet er niet onaantrekkelijk uit, maar de wandelaar had nog andere plannen.
Het is natuurlijk een risico, je wandeling afstemmen op de horeca. Half december, maandagmorgen, lunchtijd. De dienstdoende ober moet even wennen aan de eenzame gast met bemodderde schoenen ("u kunt hier geen broodje eten of zo"), maar wordt met elke volgende gang vriendelijker. De Beukenhorst be-schaamt de verwachtingen niet.
© Trouw 2009, op dit artikel rust copyright.
Andere natuurtochten in deze regio
De velden gemarkeerd met een sterretje (*) zijn verplicht.